Narcistische Persoonlijkheidsstoornis

De narcistische persoonlijkheidsstoornis is een persoonlijkheidsstoornis die wordt gekenmerkt door een overdreven gevoel van eigenwaarde, een sterke behoefte aan bewondering en een laag inlevingsvermogen. De stoornis kan worden gezien als de pathologische vorm van narcisme.
NPS-lijders kunnen in eerste instantie overkomen als charmant en interessant, maar als relaties langer duren blijkt hun egocentrisme vaak een ernstig obstakel. Niet zelden eisen ze een voorkeursbehandeling. Als dit niet gebeurt, voelen ze zich snel gekrenkt of ondergewaardeerd en zijn hierdoor vatbaar voor depressieve verschijnselen. Anderzijds kan hun kwetsbaarheid ook tot woedeaanvallen leiden.

Het leven van iemand met een narcistische persoonlijkheidsstoornis is meestal zwaar, het heeft een diepe impact op de omstanders. Zoals een junk heroïne nodig heeft, is iemand met een narcistiche persoonlijkheidsstoornis altijd op zoek naar aandacht. Die aandacht houdt zijn broze zelfbeeld in stand en is van levensbelang voor de persoon. Om die aandacht te krijgen gebruikt de persoon de mensen die het dichtst bij hem staan zoals de partner en kinderen.[1]
De basis van NPS wordt in de jeugd of vroege volwassenheid gelegd. Vaak wordt de oorzaak gezocht in misbruik of trauma's die veroorzaakt kunnen zijn door ouders, andere invloedrijke volwassenen of zelfs leeftijdsgenoten. In dit kader kan NPS worden gezien als een verdedigingsmechanisme dat op gevoelens van minderwaardigheid is gebaseerd.

De DSM-IV definieert de narcistische persoonlijkheidsstoornis als een pervasief patroon van grootsheid (in fantasie of gedrag), behoefte aan bewondering en gebrek aan inlevingsgevoel, meestal beginnend in de vroege volwassenheid en aanwezig in verschillende situaties. De stoornis kan worden gediagnosticeerd als sprake is van vijf of meer van de volgende criteria:

Kenmerken

  • De persoon heeft gevoelens van grootsheid en eigen belangrijkheid (hij overdrijft bijvoorbeeld zijn prestaties, talent, kennis, contacten en persoonlijke eigenschappen en eist als superieur beschouwd te worden, ook als zijn prestaties hiertoe geen aanleiding geven).
  • De persoon is geobsedeerd met fantasieën over succes, roem, (al)macht, genialiteit (de cerebrale narcist), schoonheid of seksuele prestaties (de somatische narcist) of een ideale, blijvende liefde.
  • De persoon ziet zichzelf als uniek en meent dat hij alleen begrepen kan worden door even unieke of speciale mensen (of instellingen).
  • De persoon heeft enorme behoefte aan bewondering, aandacht en bevestiging of wil gevreesd en berucht zijn.
  • De persoon gelooft dat hij meer rechten heeft dan anderen. Hij wil dat anderen zich aanpassen aan zijn onredelijke verwachting van een voorkeursbehandeling.
  • De persoon is manipulerend en gebruikt anderen om zijn doel te bereiken.
  • De persoon heeft een onderontwikkeld inlevingsvermogen. Hij of zij kan of wil geen rekening houden met de behoeften of opvattingen van anderen.
  • De persoon is vaak jaloers, wat gepaard kan gaan met woede. Dit leidt tot paranoïde wanen, omdat hij denkt dat anderen jaloers zijn op hem en zich op dezelfde manier gedragen als hij.
  • De persoon gedraagt zich arrogant. Hij voelt zich superieur, boven de wet verheven en alom aanwezig (magisch denken). Hij wordt kwaad als hij wordt tegengesproken door mensen die hij als minderwaardig beschouwt.
Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License